De Waal

De Waal had in de 11de eeuw een klein tufstenen kerkje, net als De Westen, Oosterend en Den Burg. Het is niet helemaal duidelijk, maar vermoed wordt dat de kerk was gewijd aan Bonifatius of Odulphus. Net als in de andere dorpen stond ook dit kerkje op een soort terp, een hoger gelegen stuk grond. Van dit kerkje is geen steen overgebleven. In 1528, als voorbode van de Hervorming, ontwijdde Cornelis Jansen, alias Jonge Cuyper, de beelden van de Waalder kerk en gooide uit protest alle ramen in. Deze, voor die tijd, zware overtreding kostte hem verbeurdverklaring van al zijn bezittingen en hij moest vluchten. De oude kerk komt nog voor op twee prenten van Van Cuyck uit ongeveer 1780. In zijn brieven schreef hij dat in de muren van het kerkje ‘duifsteen’ voorkwam. In 1856 bestond de noordmuur nog hoofdzakelijk uit tufsteen, maar ds. Huizinga schreef in datzelfde jaar dat men bezig was de kerk af te breken.

Kort daarna is het kerkje in de stijl van die tijd herbouwd, maar gedurende de Russenoorlog (1945) werd de kerk in brand geschoten en brandde volledig af. Bij het opruimen van het puin kwamen de uit zwerfkeien bestaande fundamenten van de middeleeuwse kerk te voorschijn. Kort na de WO II werd het huidige kerkje op dezelfde plaats als de oude kerk gebouwd. (Bron: Texel Plaza)

Volgens Van der Aa in 1849 was de toen aanwezige kerk een ‘tamelijk groot, maar oud gebouw, dat vroeger eene kapel schijnt geweest te zijn, met eenen zeer ouden stompen toren, doch zonder orgel.’ De kerk was vroeger aan Odulphus toegewijd. In 1528 zou overigens de Reformatie op het eiland in De Waal begonnen zijn, toen de kerk werd aangevallen en glasramen werden ingegooid en beelden vernield. In 1860 is een deze kerk gebouwd (volgens een bron in 1856). Deze neo-romaanse kerk (toentertijd vaak aangeduid als ‘rondboogstijl’) werd in 1945 vernietigd tijdens de opstand der GeorgiĆ«rs. In 1937 werd de kerk in een krant als volgt weergegeven: ‘Het interieur is zeer eenvoudig. Er hangen drie koperen kronen, die waarschijnlijk niet zeer oud zijn. Sedert twee jaren is er elektrisch licht in de kerk aangebracht. Onder het torentje bevindt zich de consistoriekamer. Hier hangt nog een oude, gekleurde prent van het kerkje… Het eenvoudige orgel is nog betrekkelijk nieuw. Het dateert van 1881.’ De Voorloopige lijst noemt als belangrijkste objecten een zerk uit 1596 en enkele oude zerken uit de zeventiende en achttiende eeuw. In de consistorie een paneel door C.A. Kramer maar een schets uit 1814 door J.A. Crescent. De zerken werden door Treslong Prins getranscribeerd en hij noemt ze een herordening na een verbouwing, liggende binnen het ‘hek om de preekstoel’ en deels onder banken en een planken vloer. Al deze objecten zijn waarschijnlijk in april 1945 vernietigd.

Op dezelfde plaats is in 1952 een nieuwe kerk gebouwd.

 

Bron: Wikipedia